Stappenplan behandeling met donoreicellen
Behandeling met eicellen van een donor is een vorm van donorconceptie. Donorconceptie met donoreicellen wordt gebruikt als de vrouw geen (goede) eicellen meer heeft. Aan de keuze voor donorconceptie gaat altijd iets vooraf. Een kind krijgen met hulp van een eiceldonor betekent dat je kind ook biologische familie heeft buiten je gezin.
De belangrijkste vraag om jezelf te stellen bij alle stappen die je zet is: wat betekent dit voor ons toekomstige kind?
Het is dus goed om je hier tevoren goed in te verdiepen. Hieronder nemen we je mee in de verschillende stappen waar je over na kunt denken tevoren.
- Meer informatie over donorconceptie kun je vinden op Landelijk informatiepunt donorconceptie | donorconceptie.nl.
- Algemene informatie en randvoorwaarden van eiceldonatie kun je ook lezen op de Eiceldonatie – Freya
- Het is mogelijk een gesprek met de psycholoog of psychosociaal counselor te hebben om samen de mogelijkheden en aandachtspunten rondom donoreicellen te bespreken. Je kunt een counseler vinden via Point netwerk : Het netwerk voor professionals in de psychosociale fertiliteitszorg
Financiële aspect
Verdiep je in de kosten die komen kijken bij eiceldonatie. Je kunt hier meer informatie over vinden op de website van Freya. De medische kosten van de donor (zoals de hormoonbehandeling en de eicelpunctie) worden doorgaans niet vergoed door de zorgverzekering van de wensouders of de donor. Deze kosten komen voor eigen rekening van de wensouders. De bevruchting van de eicellen, het kweken van embryo’s en de embryotransfer worden vergoed als het voldoet aan de criteria voor vergoeding van vruchtbaarheidsbehandelingen. Een eiceldonatiebehandeling in het buitenland gaat vaak gepaard met veel hogere kosten dan in Nederland. Of de IVF-behandeling (voor een deel) door je zorgverzekering wordt vergoed als deze in het buitenland plaatsvindt, verschilt per polis.
Steunsysteem
Het is van belang om, vooraf aan het traject, na te gaan wie er in je omgeving ondersteuning kan bieden in het traject en wat je daarin nodig hebt. Een fertiliteitstraject vraagt veel van je. Op het moment dat het nodig, is het fijn dat je een beroep kunt doen op mensen.
Kinderen hebben het recht om te weten wie hun biologische ouders zijn. Daarom is kiezen is anoniem doneren van sperma of eicellen sinds 2004 verboden in Nederland.
Er zijn verschillende mogelijkheden: een bekende donor, een donor via een buitenlandse donorbank en een donor via een Nederlandse donorbank. Hieronder vind je meer informatie over deze mogelijkheden.
Bekende donor
Een bekende donor is een donor die niet staat ingeschreven bij een donorbank. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een zus of vriendin. Deze donor doneert vaak voor één vrouw die zij kent. Dit betekent dat de donor niet uitgebreid medisch en psychologisch onderzocht wordt. Bij een bekende donor moeten wensouders zelf een oordeel vormen over de geschiktheid van een mogelijke donor.
Aan de basis van afspraken tussen wensouder(s) en donor liggen openheid, vertrouwen en communicatie. Eerlijk tegen elkaar zijn, alles kunnen bespreken, blijven communiceren – ook als het lastig wordt. Het is belangrijk de wensen en verwachtingen naar elkaar uit te spreken.
Met de donor ga je in gesprek over wensen en verwachtingen. Hoe zien jullie het voor je? Bijvoorbeeld als het gaat over:
- de plek en de rol van de donor: gaat de donor intensief betrokken zijn bij het leven van het kind, of is de donor meer op afstand aanwezig?
- zeggenschap: gaat de donor straks inspraak hebben op bepaalde zaken? En zo ja, wanneer wel en wanneer niet?
- woordgebruik: hoe gaat de donor genoemd en aangesproken worden, welke woorden willen jullie gaan gebruiken?
- de omgeving van de donor: gaat de familie van de donor ook een rol spelen in het leven van het kind?
- halfbroers en -zussen: heeft de donor zelf kinderen, of is hij of zij eerder donor geweest voor andere wensouders?
- conflicten: hoe gaan jullie om met meningsverschillen in de toekomst, als jullie er zelf niet uitkomen?
Vanuit de het Landelijk informatiepunt donorconceptie (LID) hebben ze een video gemaakt: een bekende vragen om donor te zijn.
Mocht je een bekende hebben die hierover in gesprek wil, dan is er ook een praatplaat gemaakt over bekend donorschap. Dit kan helpen het gesprek te voeren. Ook hebben ze een uitgebreide informatiepagina voor vrouwen die overwegen eiceldonor te worden voor een bekende.
Als wensouder(s) en donor definitief voor elkaar kiezen, leg dan jullie afspraken vast in een donorcontract. Het is zinvol (maar niet verplicht) om dit donorcontract samen met een gespecialiseerde notaris of familierechtadvocaat te maken. Zie voor meer informatie Alles wat je moet weten over het donorcontract | donorconceptie.nl.
Op dit moment is het binnen Fertiliteitskliniek Twente niet mogelijk om met bekende donor behandeld te worden.
Donor via buitenlandse donorbank
Voor wensouder(s) kan het aantrekkelijk zijn om te kiezen voor een donor van een buitenlandse donorbank omdat deze vaak zonder wachtlijst beschikbaar zijn.
Fertiliteitskliniek Twente heeft een samenwerkingscontract met Ferticentro in Portugal.
Er zitten echter ook nadelen aan het gebruik van een buitenlandse donor. Het is dus belangrijk om hierbij stil te staan voor die tijd.
- De donor kan zowel in Nederland als in het buitenland worden ingezet. Dit betekent dat er halfbroers en -zussen kunnen zijn, zowel in Nederland als in het buitenland. Eiceldonoren mogen bij Ferticentro maximaal viermaal donoren.
- Het kan moeilijk zijn om later in contact te komen met de donor in het buitenland. En de donor spreekt een andere taal.
Je kunt contact opnemen met één van de Nederlandse contactpersonen van Ferticentro. Zij kunnen uitleg geven over het traject en de kosten. Zie de contactgegevens onder het kopje aanmelden bij Ferticentro.
Donor via een Nederlandse donorbank
Er zijn in Nederland 3 klinieken met een eigen eicelbank. Fertiliteitskliniek Twente heeft geen eigen eicelbank.
De drie klinieken in Nederland met een eicelbank zijn: Amsterdam UMC, Medisch centrum Kinderwens (Leiderdorp) en UMC Utrecht.
Bij deze klinieken met een eicelbank zijn niet genoeg donoren beschikbaar om alle wensouders meteen te kunnen helpen: de vraag naar behandelingen met donoreicellen is groter dan het aanbod. Dat betekent dat wensouders eerst op een wachtlijst komen.
Het College donorgegevens kunstmatige bevruchting (Cdkb) bewaart en beheert de gegevens van sperma-, eicel- en embryodonoren. Deze worden landelijk geregistreerd en op verzoek aan het donorkind of de ouder verstrekt.
Donoren mogen in Nederland aan maximaal 12 moeders doneren.
Elke donor krijgt een unieke donorcode waaraan maximaal 12 moedercodes gekoppeld worden. Een kliniek reserveert een moedercode zodra een behandeling start. Als deze behandeling leidt tot een zwangerschap, is de moedercode niet meer beschikbaar voor andere moeders. Wel kan dezelfde moeder de code gebruiken voor een volgend kind.
Als alle 12 moedercodes gebruikt zijn, mag de donor niet meer ingezet worden bij een behandeling in Nederland. Cdkb houdt alleen zicht op behandelingen in Nederlandse klinieken. Behandelingen in het buitenland of donaties buiten klinieken vallen hier niet onder.
De donorgegevens kunnen worden opgevraagd via het College donorgegevens kunstmatige bevruchting (Cdkb).
Tot een kind 12 jaar is, mogen ouders de sociale en fysieke gegevens over de donor opvragen. De sociale en fysieke donorgegevens worden verstrekt in een zogenaamd ‘donorpaspoort’. In het ‘donorpaspoort’ staat hoe de donor er ongeveer uitziet, staan gegevens over de persoonlijkheid van de donor en wat voor soort werk de donor doet.
Kinderen van 12-15 jaar kunnen zelf bij Cdkb de sociale en fysieke gegevens over de donor opvragen. Het ‘donorpaspoort’ bevat dezelfde gegevens als het ‘donorpaspoort’ die door de ouders opgevraagd kan worden. Wanneer kinderen van 12 tot en met 15 jaar gegevens bij ons opvragen, ontvangt de moeder die bevallen is van het kind een bericht over deze aanvraag.
Kinderen van 16 jaar of ouder kunnen zowel het ‘donorpaspoort’ als de persoonsidentificerende gegevens van de donor opvragen. Deze gegevens bestaan uit de naam, geboortedatum en woonplaats van de donor die bij het Cdkb bekend zijn.
Ook mogen kinderen van 16 jaar of ouder opvragen hoeveel behandelingen (in Nederland) bij het Cdkb bekend zijn waarbij de donor is ingezet. Daarnaast kan het kind in contact worden gebracht met halfbroers en halfzussen die ook bij het Cdkb hebben aangegeven in contact te willen komen.
Let op: bij het gebruik van een buitenlandse donor kan het moeilijker zijn om later in contact te komen met de donor. En de donor spreekt een andere taal.
Let op: als jullie kiezen voor een behandeling bij Ferticentro, dan kan een kind pas de persoonsidentificerende gegevens opvragen vanaf 18 jaar. Dit is vastgelegd in de Portugese wet.


